Het geheugen van De Baarsjes



Rudy van Westrop.

Kwam even virtueel langs mijn oude buurt en zag toen tot mijn verbazing dat jullie geen foto van de 'van Spil' hadden. Laat ik jullie even helpen.

Mijn naam is Rudy van Westrop. Ik heb mijn halve leven in de 'van Spil' gewoond, nummer 112, 2 hoog. Mijn Opa en Oma woonden ook in de van Spilbergenstraat: familie Korpershoek (nummer 126, 1 hoog). Ze waren reeds voor de oorlog naar deze straat verhuisd.



De foto hierboven is rond 1968 gemaakt. Er was toen nog twee richtingsverkeer in de van Spilbergenstraat en genoeg parkeerruimte! Ik ben dat jongetje op zijn nieuwe fiets.

Achter mij staat een glazenwasser. Die stapten toendertijd van het ene naar het andere raam over via de vensterbank. Alleen voor de verkiezingen was het overstappen moeilijk voor de glazenwasser. Sommige bewoners hadden dan een houten bord met de namen van 'hun' politieke partij aan de buitenkant van de ramen geplaatst. In de van Spilbergenstraat waren vnl. borden van de PvdA en de CPN te zien.

Op zaterdagochtend kwam regelmatig het fanfare-korps door de straat. Zij begonnen bij de speeltuin op het Columbusplein en trommelden en bliezen zo de hele buurt wakker. Natuurlijk was de melkboer dan al met zijn 'wagentje' langs geweest. Of de kolenboer, die met zijn pikzwarte kleding even een paar mut kolen in de kolenkast op het balkon kwam gooien. Er was so-wie-so veel meer bedrijvigheid op straat.

Wat dacht je van de schillenboer (eens per week met paard en kar), de melkboer met zo'n loopkarretje met brommer-motor voorop, de aardappelenboer, messenslijpers en 's avond een mevrouw die zure bommen, uitjes en zuur verkocht. Haar luide stem galmde door een stille straat: 'Uitjes in de wijnazijn ... lekkere komkommertjes'.



In de jaren zestig deed men ook nog aan Palm Pasen. Een foto op de Hoofdweg genomen (hoek Willem Schoutenstraat) van een Palm-Pasen optocht van de kleuterschool Vergeet-mij-niet (1961). Mijn moeder Nel van Westrop (geboren Korpershoek) samen op de foto met mijn broer Ton van Westrop. Op de hoek van de Willem Schoutenstraat zat toen een bakker, waar je een haantje van brood kon kopen voor je Palm Pasen-stok (tevens op luilak-ochtend witte luilaksbollen).

Op mijn dagelijkse wandeling naar naar de Cabotschool liep ik altijd langs bovengenoemde bakker. Ik mis soms de de geur van vers gebakken brood, die ik toen elke ochtend rook. Oversteken op de Hoofdweg gebeurde met de hulp van 'klaar-overs', die gewapend waren met een stokje met een plat, rond stukje hout. De ene kant van de 'pannenkoek' was rood en de andere kant groen, zodat het duidelijk was voor automobilisten wat zij moesten doen: stoppen of doorrijden. Voordat je over mocht steken werd de kreet: 'Klaarrrrr ... overrrrr' geroepen en versperden de klaar-overs, met gevaar voor eigen leven, de weg. Qua verkeer viel het toen allemaal wel mee en de gemotoriseerde weggebruikers hielden toen meestal nog rekening met de (kleine) voetgangers.

Daarna ging mijn wandeling naar school langs de snoepwinkel op de hoek van de Willem Schouten- en Hudsonstraat - aan het Magalhaensplein. In de snoepwinkel mocht ik af en toe op zaterdag zoet-hout, salmiakdrop of spekkies voor 5 of 10 cent kopen. Had je een kwartje dan was je een rijke vent. Kinderen stonden minuten lang te kijken en te overleggen wat ze nou eigenlijk zouden moeten kiezen: een toverbal werd soms halverwege even overgegeven aan je beste vriend. Dan kreeg jij natuurlijk een likkie van zijn lollie.

Maar ik moest naar school en kon door-de-weeks slechts even door het raam kijken. Verder langs de GG&GD, voorbij mijn oude kleuterschool 'Vergeet-mij-niet' of soms door de Cabotstraat (daar hing zo'n mooie, opgepoetste koperen deurklopper aan de deur van de kerkwoning) om uiteindelijk langs het grind korfbalveld, door de grote, witte houten deuren de Cabotschool in te gaan. Op het korfbalveld hadden we af en toe gymles. Dan speelden we rond- of trefbal. Als je uitgleed dan had je een schaafwond en na enkele jaren was het grind (en het korfbalveld) verdwenen.

In de Cabotschool had je aan de kant van het korfbalveld, boven de uitgang de geweldige spreuk: 'Ga nooit met vreemden mee' staan. Halverwege de trap naar boven, kwam je voorbij een glazen kast met daarin een model van een houten boot uit de Gouden Eeuw. De juffen en meesters waren nooit ziek, het schoolplein leek wel honderd meter lang en schoolmelk was verpakt in pyramide-achtige pakjes ... als je daar op sprong, nadat je je melk had opgedronken, kon je een harde knal verwachten. Mijn jeugd was zorgenloos en gelukkig. Het enige wat belangrijk was: dat je vriend JA zei wanneer je bij hem aanbelde en schreeuwde of hij buiten kwam spelen.



Een klassefoto van mijn laatste jaar: 1972, klas 6a. Ik noem alleen de voornamen.
Van links naar rechts.
Boven: Sandra, Vera, Greetje, Yvonne, Thea, Thea (2), Carla, Gonnie en Els.
Midden: Odette, Tonnie, RenŽ, Eddy, Tonny, Mario, Rudy van Westrop, Anna en meester IJsselstein.
Beneden: Theo, Carlo, Robby, René, Carlo (2), Michel, Robbie, Tineke, Marjon en Ellen.
Afwezig: Odilia (tweelingzus van Odette) en Cliff.

verhalenpagina